Is de titel van de column van Mark Elchardus* in De Morgen
van zaterdag 05/12/2020

*Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de VUB.
Hij schrijft tweewekelijks een column in De Morgen op zaterdag.

Ik lees nogal graag die columns van de emeritus professor sociologie van mijn alma mater, omdat ze soms wel nieuwe inzichten bijbrengen. Maar ik moet zeggen dat hij me deze keer wat ontgoocheld heeft. Wat hij hier aankaart is ècht niet nieuw … “nihil nove sub sole” … en die “dringende opdracht voor de minister van Binnenlands Zaken” was al even dringend toen ik nog aan de Ville de Bruxelles werkte als animator-coördinator aan de Service de la Jeunesse. Al moet ik toegeven dat het alleen maar erger werd, omdat het al jaren niet wordt aangepakt.

“Politiewerk is niet meer leuk en slecht voor de gezondheid”

… schrijft de gepensioneerde VUB professor. Maar op het eind van de vorige eeuw was het ook al “dwijlen met de kraan open” en toen heb ik hem daar nooit iets over horen zeggen of zien schrijven. (Maar misschien ligt dat alleen maar aan mij …???…)
Er was toen nog een goede verstandhouding tussen het politiekorps en de sociale werkers op het grondgebied van de Stad Brussel. Wij, de jeugdanimators in het algemeen en ikzelf, hun coördinator, in het bijzonder, hadden een goed contact met de wijkagenten.

Ik herinner me dat de Brusselse politie ons toen al vertelde hoe dikwijls zij ontgoocheld waren omdat het parket het “boefje”, dat ze pas “gepakt” hadden, al hadden los gelaten … terwijl zij nog bezig waren met het proces verbaal volledig uit te schrijven.

Die respectvolle relatie werd aan diggelen geslagen door de “fantastische uitvinding” van wijlen professor criminologie (UGent) Brice Deruyver, die ook “veiligheidsadviseur” was bij Premier Guy Verhofstadt: de “hervorming van de politie”. Met ingang van 1 januari 2001, werden er oorspronkelijk 196 politiezones gevormd. Sindsdien zijn er echter een aantal fusies doorgevoerd, waardoor het aantal is verminderd. Op 1 januari 2019 waren er nog 185 politiezones. Het resultaat was dat die “ruzies” tussen Rijkswacht en Politie gewoon verder doorgingen maar dan tussen Federale en Lokale politie.
Ik heb inderdaad nooit meer tegelijk twee combi’s op de stoep zien
staan waarbij de gendarm en de flik elkaar een boete uitschreven
omdat “gà mè à camionet ni op den trottoir muig stoen”.

Voor de meeste steden en gemeenten betekende dat een “gefusioneerde” Locale Politie. Twee (of meer) burgemeesters bevoegd/verantwoordelijk voor één korps. Op een paar uitzonderingen na. Een paar voorbeelden: Antwerpen (±530.000 inwoners), Gent (260.000), Liège (200.000), Leuven (100.000), Brasschaat (37.000), …
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest telt zes politiezones (voor ±1.250.000 inwoners). Elk van die zones omvat meerdere gemeentes en die hebben een eigen politiereglement. Voor Brussel Stad werd dat Politiezone 5339: Brussel-HOOFDSTAD-Elsene.
Geef toe dat die professor van UGent het allemaal vereenvoudgd heeft.

“Wie wil nu nog een beroep uitoefenen waarin je dag in dag uit kop van Jut vent en het parket je gelijkstelt aan de boeven die je vangt ?”

Ik blijf hopen dat “het beleid” eindelijk zou willen/kunnen inzien dat het niet helpt om nog meer politie in te zetten om het stijgend geweld aan te pakken. Ik nam tijdens mijn loopbaan als animator-coördinator aan de Stad Brussel (van 1975 tot 2007) ook deel aan heel wat seminaries waar onder andere “meer blauw op straat” ter sprake kwam. Alle sociale werkers riepen in koor: “Het helpt niet om een grotere emmer onder een lekkende kraan te plaatsen”. Er moet meer ingezet worden op preventie, opvoeding … op het ondersteunen van de ouders die het daar om een of andere reden moeilijk mee hebben.
Dus, liever “meer straatwerkers in de stadswijken”!

Men heeft in al die jaren veel gesproken over “integratie”, “diversiteit”, …
Er werden “veiligheidscontracten”, “samenlevingscontracten” en dergelijke op poten gezet. Maar er is veel te weinig ingezet op dat soort preventieve wijkwerking. Het zou niet alles opgelost hebben of nog kunnen oplossen. Maar er zouden wat maatschappelijke problemen vermeden kunnen worden.

Beste prof. dr. em. Mark Elchardus,
Hoe zou het de dag van vandaag zitten met die andere sociale, culturele, educatieve beroepen ?
Ambulanciers, brandweermannen, leraars, verplegers/verpleegsters, …
Vooraleer ik de eerste jeugdanimator werd van de Stad Brussel (van 1975 tot 2007) was ik uit het onderwijs gaan lopen … Niet omdat ik te weinig verdiende of omdat ik te weinig vakantie had. Maar wel omdat ik me afvroeg wat ik daar voor de klas stond te doen, aangezien ik “mijn gedrag” moest “wijzigen”, nadat een mama met haar zoontje was komen klagen dat ik “haar braaf kindje” twee bladzijden over “De drosophila melanogaster” had doen schrijven om hem wat te kalmeren. Ik zie het nog voor mij, hoe dat manneke “een held” was bij sommige klasgenoten, al waren het ook maar een paar andere toekomstige “boefjes”. En we waren nog maar in het begin van de jaren ’70 … Ik heb enorm veel bewondering voor al wie de dag van vandaag voor een klas staat.

There are currently no comments.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: