SCHATTEN OP ZOLDER/You, YourSelf & RIE
1 Comment

Van Vrij Onderwijs naar Vrije Universiteit …

Van Tienen/Tirlemont naar Schaerbeek/Schaarbeek
Van de “suikerstad” naar de “ezels”

Met het woord “Vrij” heeft men het duidelijk niet altijd over hetzelfde …

Toen mijn ouders van Tienen naar Schaarbeek verhuisden was ik amper 3 jaar geworden.

Mijn moeder wou me inschrijven in een kleuterklas, zodat zij kon gaan kuisen bij de dokter rechtover, of de beenhouwer (Boucherie Achille) naast het huis op de Chazallaan 97, waar wij op het appartement van de eerste verdieping woonden. Mijn vader was beroepsmilitair, “gekazerneerd” op het Daillyplein, dat hogerop lag, daar waar de Chazallaan “eindigde” (of begon?).
Dat moet voor mijn moeder niet zo eenvoudig geweest zijn, want ik moest bij de nonnekes van het Institut de l’Annonciation in de Jos Impensstraat. Het was een Franstalige “crèche”. Was er dan geen Nederlandstalige kleuterschool in de buurt? Of was mijn moeder zo vooruitziend dat ze mij in een “école d’immersion” (avant la lettre) inschreef, in 1950, dus vele jaren vooraleer er een of andere wijze minister van onderwijs dat als systeem had uitgevonden. Dat “taalbad” heeft me in ieder geval geen windeieren gelegd. Het was integendeel, een serieuze “investissement pour l’avenir”.

Ik was amper 5 toen mijn moeder me ging inschrijven in de lagere school van Sint-Jan-Baptist-de-la-Salle, bij de Broeders van Liefde. Broeder Jozef, de “overste” van de school, wou mij aanvankelijk weigeren in te schrijven als leerling in zijn school, “omdat ik te jong was” voor het eerste studiejaar:
de meeste leerlingen waren immers ten volle 6 jaar in september; ik zou dat pas het jaar nadien in januari worden.

Maar hij kende (moeder) Louiza Cabergs niet … Nadat mijn mama een beetje had aangedrongen, kwam er als vanzelfsprekend een compromis uit de bus: ik mocht mijn eerste schooljaar aanvatten, maar als ik het een beetje te moeilijk zou hebben zou ik sowieso moeten overzitten.

Pech, Broeder Jozef, ik was de eerste van de klas !!!
(eerste studiejaar: derde van rechts, met das /;-)
Pech, Broeder Jozef, in het 3de studiejaar was ik weer de eerste van de klas !!!
(eerste van links, mèt das /;-)

Een foto van het 2de studiejaar heb ik (nog) niet terug gevonden …

Pech, Broeder Jozef, ook in het 4de studiejaar was ik alweer de eerste van de klas !!!
(derde van rechts, met das: mijn mama vond dat ‘moeten’ voor op de foto /;-)
Pech, Broeder Jozef, ook in het 5de was nog eens de eerste van de klas !!!
Pech, Broeder Jozef, om de zaak helemaal te “verpesten” was ik ook in het 6de nog eens de eerste van de klas !!!

Het valt mij op dat ik geen enkele naam kan noemen van een of andere schoolmeester. Al herinner ik mij dat die van het zesde studiejaar wel een heel sympathieke was. Maar ja, dat was geen Broeder van Liefde …

De Broeders van Liefde leefden samen met de Frères de la Charité van de Ecole Saint-Jean-Batiste-de-la-Salle in een groot gebouw dat uit drie delen bestond. De ingang van de Franstalige lagere school bevond zich aan de rue Léon Mahillon en de Nederlandstalige in de Radiumstraat … In het centrale gedeelte woonden de paters. De onderwijs subsidies werden, zoals nu nog steeds /;-), eerlijk verdeeld over de twee scholen … al kwam de totaalsom uit op 4 x ⅓, namelijk ⅔ voor de FR-talige + ⅔ voor de NL-talige afdeling, zodat het centrale gedeelte van het gebouw, ook ⅓, een dubbele toelage mocht ontvangen, al waren er daar geen klassen, maar wel de appartementen van de paters.

Je zal die school niet meer terugvinden op de kaart van Schaarbeek: nu heet ze Ecole Notre Dame de la Paix & Collège Roi Baudoin en er is ze enkel nog een Franstalige school: on est à Schaerbeek, n’est-ce pas.

Maar dan … ging ik naar het Koninklijk Atheneum van Etterbeek
“Vaarwel Nonnen en Paters” van het Vrij Onderwijs … het Vrij(e)denken lonkt !!!

De Klas van KAE 59-60
De 6de Latijnse van het KAE 1958-1959
(in het KAE zat ik meestal achteraan: hier, die met zijn broske voor de kachel)

Het zal je wel opgevallen zijn: hier zaten niet alleen jongens, maar ook meisjes op de schoolbanken … en – naar het schijnt was dat toen al uniek voor het KAE – zaten jongens en meisjes ook niet in aparte rijen.

De 5de Latijnse van het KAE 1959-1960
(voorlaatste bank links, met bril)

Eigenaardig genoeg zitten de meisjes hier allemaal achter elkaar rechts. Misschien was dat de wens van de klastitularis, want dat de meisjes apart zaten, dat was niet de regel in het KAE …

De 4de Latijnse van het KAE 1960-1961
(ik zit (uiteraard) achteraan, links van de lerares)

Ik heb geen idee of de fotograaf vrijwillig links vooraan een hoek afgesneden had en of er daar niemand zat: dat zou wel eigenaardig geweest zijn. Ik herinner me wel dat ik smoorverliefd was op dat mooie meisje met haar hand onder haar kin. Zie je ook die tweeling, die achter elkaar zitten? Dat zijn Toon en Hein Van den Brempt, met dewelke Kristien Hemmerechts het boek “HET VERDRIET VAN VLAANDEREN” schreef, met als ondertitel: “Op pad met Hein en Toon, tweeling van de collaboratie” (19/02/2019 uitgegeverij De Geus). Tony en Hein kwamen ook aan bod in de VRT Canvas-reeks “Kinderen van de Collaboratie”.

Latijn was niet mijn lievelingsvak. Al heb ik later gekozen om Germaanse Filologie te gaan studeren, verliep het in het atheneum toch beter voor wiskunde. Op het schriftelijk examen werd ik betrapt met spiekbriefjes: een klasgenoot had me verraden (per ongeluk? omdat hij naar mij had gewezen om degene die naast hem zat te tonen “dat ik weer bezig was”)

Voor het schooljaar 1961-1962 stapte ik dan maar over van de Latijnse naar de Moderne

In de 3de Moderne van het KAE 1961-1962
(zit ik achteraan rechts in het hoekje)

“De Smets”, onze leraar wiskunde, staat ook achteraan op de foto, naast mij. Voor het schriftelijk examen op het einde van dat schooljaar, moest ik vooraan, aan zijn ‘pupiter’ gaan zitten: “Zo zult ge zeker niet kunnen afschrijven”, zei hij. Waarop ik antwoordde: “Voor wiskunde heb ik dat niet nodig”.

De Moderne … dat was “een wereld van verschil” met de Latijnse: zelfs de turnles was helemaal anders. De sfeer tussen de klasgenoten was warmer, sportiever, vinniger. Er gebeurde altijd wel “iets” waarmee onze onderlinge solidariteit op de proef werd gesteld. Het was een klas vol vechtersbazen: maar wel alleen wanneer ze uitgedaagd werden. Sportief waren we allemaal! “Den Tonke”, net voor mij aan het venster, was bokser. Naast hem: Marnix, internationaal handbalspeler. De “Faa”, “Grauwels”, “Schotte”, … Ikzelf deed toen aan gewichtheffen en romeins worstelen. Geen doetjes dus, in de Moderne.

In de 2de Moderne van het KAE 1963-1964
zat ik – eigenaardig genoeg – vooraan op de foto (met rolkraag)

By the way … zowel in de 3des als in de 2des was ik de eerste van de klas. Toch heb ik mijn “poësis” (alhoewel deze “titel” alleen gebruikt mag worden voor de Latijnse) moeten overdoen: ik was heel “stout” geweest; had een bommetje laten ontploffen in het bureau van de prefect terwijl ik helemaal aan de andere kant van de speelplaats was … maar ik werd weer verraden door één van die leerlingen van de Latijnse. Wat er eigenlijk juist allemaal gebeurde is een verhaal op zich: te lang om hier te vertellen. Ik dubbelde dus mijn schooljaar en was het jaar nadien opnieuw “de eerste van de klas”.

In de 1ste Moderne (Wetenschappelijke) aan het KAE 1964-1965
(de enige gast met een witte pull aan)

De grote schoolmeester achteraan was onze klastitularis, leraar Frans, Emile Kesteman: een schat van een mens. Hij zorgde er zelfs voor dat ik in het jaar 1965 gedichten in het Frans heb kunnen publiceren in het tijdschrift “LES ANALECTES DES PERMANENCES POETIQUES” (Collections PePo). Onze leraar tekenen, Tom Payot, illustreerde er de gedichten. Emile Kesteman zou later ook nog een poëzieclub organiseren in Het Goudblommeke in Papier – La Fleur en Papier Doré.
Rechtsachter mij, met bril en grote glimlach, zit Julien Vrebos.

Dat “de Moderne” veel sportiever waren dan “de Latijnse”, bleek ook uit het feit dat we ook wel eens een voetbalwedstrijd gingen spelen. Hieronder zie je het onoverwinnelijke KAE-elftal van toen, met, staande van links naar rechts: Robert Steuts, Eddy Reynaert, Raymond De Schrijver, Rudi Segebarth, Christian Van Diest, Marc Delapara en gehurkt: Gilbert Noyen, Georges Timmermans, Johan Vermeyen, Henri Vandenberghe (jawel /;-) en Jan Van Riemsdyck.

In juni 1965 behaalde ik dus, aan het Koninklijk Atheneum Etterbeek, mijn Diploma Hoger Secondair plus ook nog het Getuigschrift Hoger Secundair. Waarom dat twee moesten zijn voor de prijs van één? Dat weet ik niet meer: heb ik het ooit geweten, begrepen?
Om hogere studies te kunnen/mogen volgen moest je in die tijd nog een “Bekwaamheidsdiploma tot Hoger Onderwijs” behalen. Toch als je geen diploma had van “Klassieke Humaniora” (de Latijnse dus). Dat behalve ik dan in september 1966.

Rijksnormaalschool Sint-Pieters-Woluwe

Ik wou eigenlijk universitaire studies aanvatten. Maar, aangezien mijn ouders ervan overtuigd waren dat ik daartoe “te lui en te dom” was, werden het eerst twee jaar “Regentaat”, zoals dat in de volksmond werd genoemd. Zo behaalde ik dus eerst, in juni 1967, een diploma voor “Geaggregeerde Lager Secundair Onderwijs”, in Sint-Pieters-Woluwe aan de Rijksnormaalschool (die nu niet meer bestaat) om nadien toch de stap naar de VUB te kunnen/mogen maken.

In de klas met Roland Laridon, leraar Nederlands

Net als aan het Koninklijk Atheneum Etterbeek hadden we ook hier, in de Rijksnormaalschool, te maken met een aantal straffe leraars die ik nooit zal vergeten: Roland Laridon voor Nederlands, Frans Dewreede voor Engels, Lydia Spiessens voor Duits, Guy Maes voor pedagogie en didactiek.

Ik vond ook nog een foto van de klasgenoten op de speelplaats

Op de speelplaats van de RijksNormaalSchool Sint-Pieters-Woluwe ergens in 1966 (?)

Daar zitten 9 schelmen te lachen naar een fotograaf. De namen van die gasten kan ik slechts onvolledig opsommen, ofwel de voornaam, ofwel de familienaam, soms beide:
??? Couck, ??? Jacobs, ??? Junius, John…???…, ??? Van Cauwenbergh, ??? Van Isterdael, Norbert Schottey en Raf Peeters (die allebei ook van het KAE kwamen, net als ik) Henri Vandenberghe.

Op een fancy-fair van de RNS-SPW brachten wij, Raf, Norbert en ikzelf een optreden met Negro-Spirituals (oesje, misschien mag je dat woord tegenwoordig niet meer gebruiken …) onder de naam Woluwe Singers

The Woluwe Singers

en dat was zo’n succes … dat we nog gevraagd werden voor een aantal optredens …

Na die twee jaar aan de Rijksnormaalschool vroeg ik mijn ouder “of ik nog bij hen mocht blijven wonen, zonder huur noch kost en inwoon te moeten betalen”. Ik beloofde van zelf te gaan werken terwijl ik aan de VUB studeerde … om zo ook zelf mijn studies, mijn boeken en mijn andere uitgaven te bekostigen.

En toen was ik eindelijk waar ik moest zijn …
aan de Vrije Universiteit Brussel …
waar Vrij Onderzoek geen loos begrip is.

22
POLLEN & SOKKEN/You, YourSelf & RIE
1 Comment

Brusselaars en “hun Zenne”

Steden worden geboren waar stromen bijeen komen,
waar rivieren samenvloeien, waar mensen elkaar ontmoeten op plaatsen waar ze mogen handeldrijven, waar ze stoffen en meubels kunnen ruilen voor eetwaren en vice versa. 

Maar Brussel, och arme, werd geboren op een moeras tussen verschillende rivierarmen. De naam Broek-sele, komt uit het oud-Germaanse Broka, dat “moerassig gebied” betekent en Sali wat staat voor “uit één ruimte bestaand huis”.

So, Brussels became a city, on a place on the brooks, where people felt home on the marsh between the river arms of the Zenne … or Senne, if you prefer.

Brussel, hoofdstad van België, Vlaanderen en Europa, werd door haar eigen bewindvoerders vaak verwaarloosd en meermaals verkracht. 

Denk maar aan de hele buurt rond het Noordstation, waar alles en vooral iedereen, moest wijken voor een megalomaan project:
“World Trade Center” klinkt stoer, maar heeft alleen met poen te doen. 

De chirurgische ingreep halverwege de 19de eeuw, om Noord- en Zuidstation met elkaar te verbinden, ook bekend als “Spoorlijn 0”, heeft een enorme sociale impact gehad. Maar ja, in Parijs en in Londen moet je toch nog altijd station in en station uit, om met de trein verder door te reizen.

Het is nog veel erger gesteld met de hele strook van aan het Jubelpark tot het Luxemburgplein, waar alles moest sneuvelen voor de macht, voor het Europees kapitaal. Wie weet daar nog, ergens tussen de gedrochten van Europese kantoren, het mooie Résidence Palace liggen? Behalve dan de journalisten die er naar het Internationaal perscentrum gaan. Misschien zijn ze er wel al op restaurant geweest, maar hebben ze nog nooit het prachtige zwembad gezien in dit art-deco gebouw van architect Michel Polak.

Bruxelles, capitale de la Belgique, de la Flandre et de l’Europe, …
la Communauté Française lui a lâchement tourné le dos
pour aller installer sa Fédération Wallonie-Bruxelles à Namur …
avec balcon et vue sur Meuse.

“Ah (très cher André Bialek) la belle gigue” que nous aurions pu danser … mais il y a déjà trop longtemps qu’on “ne sait plus sur quel pied on pourrait se mettre à danser”.

Water heeft een bijzondere aantrekkingskracht. Het zorgt ook voor “verbinding”. In de 15de eeuw werd er reeds, naast een kronkelende Zenne, een beter bevaarbaar kanaal aangelegd: de Bruesselsche Schipvaert verbond in 1561 Brussel al met Willebroek.

Een stad zonder stroom is als een dorp zonder ziel.
Brussel heeft haar Zenne overwelfd tussen 1967 en 1871.
Soignies (Zinnik, pour les Flamands) deed dat tussen 1896 en 1933 en Vilvoorde en Halle konden het ook niet laten … tussen 1933 en 1955.

Brussel bestaat alleen nog uit beken: de Maalbeek stroomt vanuit de abdij Ter Kameren in Elsene via Etterbeek en mondt in Schaarbeek uit in de Zenne. Maar ook de Maalbeek werd grotendeels overwelfd: er blijven alleen nog zes vijvers over van aan Flagey tot in het Josaphatpark.

Brusselaars dromen al lang om “hun Zenne” weer te zien. Ze hebben ze zelfs een vereniging voor gesticht: de vzw ZenneSenne asbl en/of 
De ZenneZotten. Ik herinner me nog een actie op 19 november 2008 in de Ortsstraat: Brusselse schoolkinderen hebben er gevist in containers aan de Beursschouwburg.

Brussel kreunt en weent, Manneke Pis plast 24/7 en heeft geen last van zijn prostaat … en het Bronzen Zinneke … die doet alsof hij tegen een paaltje zeikt aan de hoek van de Kartuizersstraat en de Oude Graanmarkt.

“Brussel g’hebt mijn hart gestolen” zingt Johan Verminnen.
4
You, YourSelf & RIE
0 Comments

Cultuurcentrum BOLWERK – 2020 10 29 – Quentin Dujardin & Didier Laloy

before LOCKDOWN closing time
29/10/2020

Quentin Dujardin & Didier Laloy 

“Water & Fire”

© RIEke.brussels

We zeggen en schrijven: woensdagavond 29 oktober 2020.
En we gaan naar het Cultuurcentrum BOLWERK voor
Het Laatste Avondmaal … ik bedoel … het laatste avondconcert vooraleer de totale “LOCKUP”. Morgen gaat alles potdicht! Cultuurcentra, Concertzalen, Musea, … allemaal moeten ze hun deuren sluiten om de uitwassen van het coronavirus in te dammen en de zorgsector te helpen “het beest” te overwinnen. Ik weiger om dit nog “lockdown” te noemen!!! We worden immers toch opgesloten. We moeten zogezegd niet meer “in ons kot” blijven, maar we kunnen toch ook bijna nergens naartoe.

Alleen naar Bibliotheek en Bos mogen we nog gaan …
en naar voetbal mogen we nog kijken op teevee.

… want voetbal … dat telt niet mee in de statistieken …

Maar goed …

Back to Music :
Quentin Dujardin & Didier Laloy

@ CC Bolwerk – Vilvoorde

Na heel wat eigen projecten en steeds meer internationale ervaring, brengen gitarist Quentin Dujardin en accordeonist Didier Laloy samen muziek die hen op het lijf geschreven staat.
Twee tegengestelde muzikale temperamenten balanceren in symbiose tussen jazz, klassiek, folk en filmmuziek.

Zoals de titel van hun rijk, melodieus album “Water & Fire” het omschrijft, vullen deze artiesten elkaar prachtig aan en zorgen ze voor een klanksensatie met zowel brandende als ijzige momenten. Een intens muzikaal moment waarop ruimte en tijd even stoppen. Adrien Tyberghein, de jonge bassist van l’Opéra National de Paris, zorgt voor de ideale brug tussen beide muzikanten. Met zijn strijkstok doet hij een klassiek universum herleven dat allesbehalve stoffig klinkt, maar uitblinkt in verfijndheid en virtuositeit.

© RIEke.brussels

Het trio bracht een schitterend concert in het Cultuurcentrum BOLWERK te Vilvoorde. DankUwelllMersie!!! om te blijven “vechten” voor de goede zaak. En te blijven geloven in de Schoonheid van Cultuur in het algemeen en van Muziek in het bijzonder!!!

Het gebeurrde wel een zeer bizarre sfeer, zo’n optreden:
de muzikanten spelen enkel zittend … wat voor Didier een hele ‘opdracht’ moet zijn geweest😉 … op 2 meter van elkaar …
het publiek zit in ‘bubbels’ mèt mondmasker 😷 en minstens 3 meter tussen die ‘bubbels’.
Schoon !!! Maar tegelijk ook Triest !!!
Het deed soms wel denken aan een ‘definitief’ afscheid …
Alles verliep totaal contactloos !!! en toch mag het de volgende weken niet meer 😰 

Alleen voetbal – toch per definitie een “contactsport” – dàt mag wèl nog …
en je zal me niet wijsmaken dat die voetballers, die mekaar eens goed vastpakken als ze een doelpunt maken, na de wedstrijd in quanrantaine moeten gaan, omdat ze misschien besmet zijn geraakt.
Het is uiteraard wel een feit dat voetballen een belangrijke activiteit is voor de Belgische economie: bij elke trap tegen de bal verdient elke voetbal speler een meervoud van wat de muziek speler voor een avondvullend concert verdient !
Onze politiekers hebben blijkbaar nog altijd niet door dat cultuur ook een belangrijke speler is in de economie en dat er ook een heel rits aanleverende beroepen bij komen kijken … die dan ook allemaal “aan den dop” moeten gaan in de plaats van BTW of Bedrijfsvoorheffing af te dragen.

4
You, YourSelf & RIE
2 Comments

JAZZ STATION – zaterdag 2020 10 03 – Lorenzo Di Maio Trio ft. Ensemble UFO

© RIE

Als bestuurslid van de asbl JAZZ STATION vzw, was het mijn genoegen (en privilegie) om mijn Geode Vriend Guy Trifin uit te nodigen om met mij mee te gaan naar het optreden van …

Lorenzo Di Maio Trio ft. Ensemble UFO – Openingsconcert

van het seizoen 2020-2021

© RIE

Het Lorenzo Di Maio Trio is samengeseld uit
Lorenzo Di Maio – gitaar, composities
Sam Gerstmans – contrabas
Antoine Pierre – drums
en het Ensemble UFO = Ultra Foniiki Orchestra :
Maritsa Ney – viool I
Martin Lauwers – viool II
Marie Ghitta – altviool
Marine Horbaszcewski – cello

© RIE

Ze brachten een première van een nieuw project dat ze pas opgenomen hadden om binnenkort op CD uit te brengen.
Het eerste nummer, ‘The End And The Beginning”, maakte meteen duidelijk dat de toehoorder het snaarkwartet als een vierde solist zou moeten/kunnen percipiëren.
“Blues Something” was inderdaad opgebouwd rond een typisch blues thema dat dan verder uitgesponnen werd tot “something else”.
“Looking For The Beats”
“No More Samba” was ook wèl een samba, maar dan eentje “met een hoek af”.
“Carmela”
“Deux Chats”
“Elia”, het nummer dat de naam kreeg van zijn geliefde, toonde duidelijk aan dat Lorenzo toch heel dikwijls teruggrijpt naar de stijl of de sfeer van Philip Catherine: het melodietje kon even goed door hem gecomponeerd geweest zijn.

© Alvaro Cosi : “Je crois que je vous ai trouvés!”

Daarna kwam er niog een welverdiend bisnummer … Guy en ik gingen onmiddellijk de muzikanten gelukwensen met hun nieuwe project.

Om nog wat na te praten en omdat we ook wel honger hadden, volgden we de goede raad van Kostia (directeur van de Jazz Station). We hebben heel lekker gegeten in het Libanees restaurant, ZALINE. De patron is een vriendelijke, gezellige mens, die ook de tijd nam om tussendoor even met ons te praten: niet alleen om ons een goede Libanese wijn aan te raden, maar ook om ons te vertellen dat hij, als vluchteling uit Syrië, met Arameense roots, eerst in een kledingszaak had gewerkt tot hij de moed en de middelen had om een eigen zaak op te starten … met succes !!!
Het restaurant zat vol. Er was ook duidelijk een groep die daar was om een verjaardag te vieren …
Al gebeurde dat allemaal wel helemaal coronaproof (denk ik).

54
You, YourSelf & RIE
0 Comments

Hungarian Belgian Jazz Club 2020 09 15

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Tamás Zsári
De Hongaarse saxofonist is de organisator van de Hongaars-Belgische Jazz Club die regelmatig doorgaat in het Hongaars cultureel Instituut (Balassi Institute Brussels). Normaal gezien nodigt hij prominente Hongaarse musici uit om op te treden met een groep van Belgische instrumentalisten.

© RIE

Tamás Zsári (saxofoon) is geboren in Boedapest en studeerde af aan de Franz Liszt Academy of Music. Daarna verhuisde hij naar de VS en woonde daar 3 jaar. In 2001 aanvaardde hij de uitnodiging van Budapest Jazz Orchestra om zich bij het ensemble aan te sluiten. Hij is een van de oprichters van het Modern Art Orchestra. Hij speelde samen met vele bekende muzikanten, zoals Bob Mintzer, Peter Erskine, Dave Liebman. Met zijn band speelt hij ook eigen composities. Hij speelde op verschillende festivals in Hongarije en in Europa. Momenteel woont hij in Brussel.

Bart De Nolf (contrabas) werd in 1965 in Brugge geboren en studeerde in 1987 af voor klassieke contrabas aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Sinds 1986 is hij lid van het “BRT Jazz Orchestra”. Sinds 1988 is hij professor aan het Koninklijk Conservatorium van Gent en ook van Brussel. Hij speelde ook met popbands en trad op met verschillende freelance muzikanten. Hij was lid van het Toots Thielemans Quartet, waarmee hij samen speelde in Europa en over de hele wereld.

Toni Vitacolonna (drums) (°1987) koos op zijn 16de resoluut voor drums, nadat hij in de muziekacademie van Roeselare zijn klassieke opleiding piano, drums en trompet doorlopen had. Aan de Kunsthumaniora te Antwerpen kreeg hij in de richting pop-jazz les van Yves Peeters, Koen Lieckens, Ewout Pierreux en Bart Defoort. Hij volgde verschillende masterclasses bij onder meer Bruno Castellucci, Jan de Haas, Billy Hart, … Na vier jaar aan het Lemmensinstituut in Leuven voltooide hij zijn masteropleiding aan het Conservatorium van Amsterdam bij Martijn Vink.
In 2006 richtte hij samen met Peter Delanoye (trombone) de DelVitaGroup op met verder ook Steven Delannoye (saxen), Bart Van Caenegem (piano) en Janos Bruneel (bas). Sinds 2011 is hij tevens vaste drummer van het Brussels Jazz Orchestra.

© RIE
3
You, YourSelf & RIE
0 Comments

Dagje Django en Zo

Op zaterdag 5 september 2020, heb ik mezelf getracteerd op prachtige muziek, met een “Dagje Django en Zo”
om 15:00 zat ik bij BOZAR OPEN AIR MUSIC
op de vooraf gereserveerde stoel A1
op het Dakterras Errera, Koningsstraat 10, 1000 Brussel

“FIDDLER ON the BOZAR ROOF”
waren Renaud Crols & Friends

© RIE

Renaud Crols

Renaud Crols (°1983) behaalde zijn eerste prijs viool aan het Koninklijk Conservatorium te Luik. Aanvankelijk speelde hij vooral klassieke kamermuziek, maar zijn avontuurlijke ziel bracht hem mettertijd ook richting jazz, meer specifiek de manouche-stijl. Intussen is hij van alle markten thuis: van Indisch tot Afrikaans, van Bach tot Balkan. Je ziet hem vaak zij aan zij met Tcha Limberger en Les Violons de Bruxelles, met Karim Baggili, maar hij trok ook op met wereldbekende Roemeense groep Taraf de Haïdouks.

Zelfstandige muzikanten zoals Renaud Crols hebben het in deze coronatijden hard te verduren. Maar ze blijven niet bij de pakken zitten.
Hij was zelf één van de eersten die de kat aan de bel bond en publiek alarm sloeg. Hij lanceerde een crowdfunding-campagne via sociale media en zette zich mee in om de precaire situatie van collega freelance muzikanten onder de aandacht te brengen. 

Op BOZAR Open Air presenteerde hij met zijn eigen band muziek uit alle windstreken op het terras van BOZAR met zicht op de stad.

© RIE

De presentator kondigde dit concert aan als “le premier concert après
‘le silence’ depuis le mois de mars”
. dat geldt misschien wel voor BOZAR, maar ik heb samen met mijn Vrienden Guy en Ben, die ook op het dak van BOZAR zaten, toch in augustus al enkele concerten mogen meemaken.

Het kwartet begon met “Pleurons tout bas” (vrij vertaald), een Braziliaanse choro en brachten als tweede nummer een compositie van Django Reinhardt: “R26”. De twee Renauds zijn allebei grote fans van Richard Galliano en speelden dan ook met veel zwier zijn “Waltz for Nicky”. Later speelde de groep ook nog een compositie van Renaud Dardenne, die hij de titel gaf van “Gallianologie”. Ze brachten ook nog een nummer van Benjamin Clement: “La Pleine de Jeu” en toch nog één nummer vanDjango Reinhardt: “Ultra Fox”.

Renaud Dardenne

… is een belangrijke figuur van de Belgische zigeunerjazzscene.
Van bij het ontstaan van de groep maakt hij deel uit van het kwintet
“Les Violons de Bruxelles”, waarin ze de bezetting van de Hot Club de France ondersteoven hebben gegooid. Drie gitaren een viool en een contrabas werd bij hen één gitaar, drie violen en een contrabas:
Tcha Limberger, Renaud Crols, Alexandre Tripodi, Renaud Dardenne en Sam Gerstmans.
Hij treedt ook op in het “New Quartet” van Fapy Lafertin
en met Liana Gourdjia in een meer klassiek repertoire.
Onlangs zag ik hem aan het werk met Nathan Daems“Village Quartet”.
Ook met zijn eigen Trio, met Benjamin Clement en Boris Schmidt, is hij ons niet onbekend: in de Djangofolllies 2020 Challenge, georganiseerd door BROSELLA, was hij de spilfiguur. Hij studeerde af aan het KCB (Koninklijk Conservatorium Brussel) in jazzgitaar en pedagogie. Met veel passie geeft hij les bij Muziekpublique en regelmatig in zomercursussen, zoals in Neufchateau, of de bekende “Django In June” in Massachusetts.
Zijn spel is resoluut akoestisch: alles in finesse en oprechtheid. Naast zijn passie voor traditionele muziek, jazz en de muziek van Django Reinhardt in het bijzonder, is hij ook een veelzijdig musicus die zich in vele werelden thuis voelt: rebetiko (Vinylio), chorinho, Venezolaanse muziek (met Osvaldo Hernandez) …
Hij componeert ook voor zijn verschillende groepen en voor het theater.

Benjamin Clement

… leerde zichzelf op 14-jarige leeftijd gitaar spelen, op aansturen van zijn vader. In het begin speelde hij rockmuziek en blues. Het is pas later dat hij interesse kreeg voor jazz en voor de gipsy swing van Django Reinhardt. Nog later ontdekte hij de zigeunermuziek en werd er verliefd op. Hij volgt les bij Bulgaarse en Roemeense musici en leert Tcha Limberger kennen die zijn interesse voor de Balkanmuziek deelt. Ze spelen samen in de Transsylvaanse groep Szibva. Terwijl hij zich de Balkanmuziek eigen maakt, o.a. bij de band Zongora, blijft hij optreden met jazz/rockprojecten zoals Rackham.

Boris Schmidt

De Luxemburgse contrabassist Boris Schmidt (°1983) volgde verschillende workshops bij onder meer Jacques Pirotton en André Klenes en trok nadien naar het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, waar hij in de leer ging bij Hein Van de Geyn en Eric Ineke. Met deze bagage bouwde hij stilaan zijn reputatie uit. Zijn actieradius is hoofdzakelijk geconcentreerd in de Benelux maar met het ensemble L’Arpeggiata toert hij wel de hele wereld rond. Onder de artiesten met wie hij verder al samenwerkte en opnamen maakte, vinden we Philip Catherine, Ialma en Fabrizio Graceffa.

© RIE

Christophe Astolfi

Omdat Christophe Astolfi, na lange tijd, vanuit Parijs nog eens in Brussel kwam spelen, nodigde hij me vriendelijk uit om naar zijn concert te komen met Christian Escoudé (gitaar) en Ben Ramos (contrabas) in de fijne, autenthieke Brusselse Jazz Club :

The Music Village

© RIE

Dat maakte mijn
“Dagje Django & Zo” kompleet

Christophe Astolfi

… werd geboren in 1977 in Hussigny-Godbrange in Lotharingen. Hij studeerde gitaar op 12-jarige leeftijd. Zijn professionele carrière begint in accordeonorkesten en verschillende groepen van rock tot jazz op 17-jarige leeftijd. Hij raakt vertrouwd met de muziek van Django Reinhardt, dankzij Italiaanse en zigeunergitaristen uit zijn regio, met name Tchavolo en Dorado Schmitt.
In 1998 vestigde hij zich in Brussel waar hij zich vervolmaakte in de “Django” traditie in België. Hij was nog maar pas aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel ingeschreven om er gitaarlessen te volgen en vooral de gispy swing onder de knie te kijgen, of Brosella nodigde Chrisophe Astolfi al uit voor een concert in de Djangofolllies, met het duo Rakou Chaka. We waren toen januari 2000.
Hij woonde 10 jaar in Brussel en speelde ongeveer overal in België met Philip Catherine, Toots Thielemans, Koen Decauter, Tcha Limberger en nog vel andere muzikanten “van bij ons”. Hij nam ook muziek op voor reclame en voor theaterproducties.
In 2008 verhuist hij naar Parijs en neemt deel aan de plaatselijke muziekscene met David Reinhardt, Samy Daussat, Rodolphe Raffalli en Hugo Lippi.
In 2010 – de 100ste verjaardag van Django Reinhardt – nam hij deel aan “Djangodrom”, het project van regisseur Tony Gatlif met Bireli Lagrène, Didier Lockwood, Stochelo Rosenberg.
In 2013 lanceerde hij zijn album “Des Valses”, opgenomen in trio en volledig gewijd aan swingwalsen en zigeunerwalsen. De schijf wordt al snel een must in de wereld van de zigeunergitaar en Christophe is een van de belangrijkste vertegenwoordigers van dit veld.
Tussen 2015 en 2016 nam hij twee platen op met Boulou en Elios Ferré en in november 2016 verscheen in Éditions Coup de Pouce de eerste gitaarmethode gewijd aan de zigeunerwals die ooit werd uitgevoerd. Zijn werk wordt zeer goed ontvangen. Christophe wordt regelmatig uitgenodigd om zijn werk te presenteren door middel van concerten en masterclasses in Frankrijk, Europa en de Verenigde Staten.
In januari 2018 werd Christophe dankzij de steun van Marcel Campion en Sylvie Lacombe directeur van de zigeunerjazzschool van La Chope des Puces, de mythische tempel van de zigeunergitaar in Parijs. Sindsdien worden er elke zaterdag workshops gegeven.
Op 6 december 2018 kwam mijn nieuwe album uit. Deze plaat opgenomen met Florent Gac op Hammond orgel, Samuel Hubert op contrabas en Stéphane Chandelier op drums is een project gewijd aan de onuitgegeven composities van de gitarist en componist Pierre “Baro” Ferré.
Op dit moment ben ik, parallel aan mijn concerten met mijn orkesten en Christian Escoudé’s Gypsy Trio, bezig met twee nieuwe albums die in 2020 zullen worden opgenomen.

Christian Escoudé

… werd geboren in 1947 in Angoulême, in een zigeuneromgeving. Zijn familie verhuisde naar Charente toen Duitse troepen Frankrijk binnenvielen in juni 1940. Zijn vader, een zigeuner en gitarist, gaf zijn passie voor Django Reinhardt en gitaarspel door. Hij koos voor een carrière als muzikant, in dit Frankrijk dat ontstond uit de Tweede Wereldoorlog, waar ook plezier aan moest worden beleefd. Hij begeleidt verschillende zangers en muzikanten. In december 1975 ontving hij de Django Reinhardt-prijs van de Académie du Jazz. Daarna nam hij deel aan talrijke festivals, waaronder het Festival de Samois, georganiseerd als eerbetoon aan Django Reinhardt en diverse samenwerkingen met Franse en Amerikaanse jazzmuzikanten. In 1980 ging hij op tournee in de Verenigde Staten, Brazilië en Japan, met John McLaughlin. In 1980 ging hij op tournee in de Verenigde Staten, Brazilië en Japan, met John McLaughlin. Vervolgens trad hij toe tot het grote orkest van Martial Solal, daarna trad hij op in andere formaties. Christian Escoudé trad als duo op in 1983, met Didier Lockwood, waaraan vervolgens Philip Catherine werd toegevoegd. In 1985 vormde hij samen met Boulou Ferré en Babik Reinhardt het Zigeunertrio. Vervolgens zette hij zijn carrière voort in andere formaties en in het gezelschap van hedendaagse jazzmuzikanten, waarbij hij zich ook regelmatig herinnerde aan zijn gehechtheid aan de muziek van Django Reinhardt.

In 2012 bracht hij het album uit “Christian Escoudé joue Brassens: Au bois de mon cœur”, dat hij in januari 2013 reeds tijdens de Djangofolllies kwam voorstellen in verschillende clubs en cultuurcentra. Ik herinner me dat ik daar voor het eerst de fantastische violoniste Fiona Monbet aan het werk zag. Ik was zo onder de indruk van haar talent dat ik haar in 2016 op de 40ste (mijn laatste) BROSELLA Folk & Jazz aan het publiek heb voorgesteld.

Ben Ramos

In 1999 begon Benjamin Ramos met gitaarlessen te nemen
in de Jazz Studio in Antwerpen,
en in 2000 begon hij basgitaar te spelen bij Bas Cooijmans.
Van 2001 tot 2004 volgde hij lessen contrabas
in het Koninklijk Conservatorium Brussel
bij niemand minder dan Jean-Louis Rassinfosse.
Hij was eerst gitarist in een rockband en pas daarna bassist in verschillende jazz- en funkformaties. Hij speelde een honderdtal concerten als contrabassist in verschillende jazzbands. Na verschillende muzikale ontmoetingen kreeg hij de kans om op te treden in Gouvy op het Luxemburgse Jazz- en Bluesfestival, op “Festijazz” (Afrika) in juni 2003, op het Reggae Afro Festival in juli 2003. Met Joachim Jannin bereikte hij de halve finale van het tweejaarlijkse “Chanson française” festival en op “Mars en Chanson” (Frankrijk).
In mei 2004 stond hij op de Brussels Jazz Marathon.
In juli 2004 speelde hij op het festival “Jazz à Sètes” (Frankrijk)
en won hij de jonge talentenjacht van het Blue Note-festival in Gent.

6
You, YourSelf & RIE
0 Comments

HIDE & SEEK 2020 (08/29)

zaterdag 29 augustus
@ Wasserij van het OCMW
van BRUSSEL

Voor de laatste dag van het vierde HIDE & SEEK festival, waarbij MuziekPublique de liefhebbers meeneemt naar ongewone plekken in BRUSSEL, trok ik naar de Linnenfabriek in de Hertstraat 375 in Anderlecht.

© RIE
© RIE











Op het hoogtepunt van de Coronavirus-crisis werd hier elke dag ongeveer vijf ton textiel gewassen voor de Brusselse ziekenhuizen! Grote wasmachines, drogers, kranen, takels en strijkmachines behandelen hier de was. Deze gigantische wasserij lijkt op weekdagen een echte mierenhoop. Maar op zaterdag en zondag keert de rust er terug. MuziekPublique maakte daar gebruik van om er vorige zaterdag 29 augustus het laatste concert van het vierde Hide & Seek festival te organiseren.

© RIE
© RIE

In deze tempel van zorg en lichaamshygiëne werd folk muziek voorgesteld uit het land dat als eerste in Europa door het Covid 19 virus werd getroffen. De stoommachines werden – voor een keer – vervangen door een muzikale traditie waarin het helen van lichaam en geest een belangrijke rol speelt : de Italiaanse

Maria Mazzotta

… is een gepassioneerde zangeres uit Puglia.
Ze maakt al jaren diepe indruk met haar bewogen vertolkingen van liederen uit het Middellandse-Zeegebied. Haar creativiteit bracht haar tot samenwerkingen met tal van artiesten zoals de Albanese cellist Redi Hasa, de beroemde pizzica-band Canzoniere Grecanico Salentino of ook nog Goran Bregovic.

© RIE

Maria Mazzotta: zang
Bruno Galeone: accordeon

Ze stelde ons haar nieuwste album voor, “Amoreamaro” (‘Bittere liefde’), begeleid door de jonge en getalenteerde Malagassische accordeonist Bruno Galeone, die ook op de CD de knopjes hanteerde. Het album, verkent de verschillende gezichten van de liefde, vanuit een modern en toch tijdloos vrouwelijk oogpunt. Ruig en ongepolijst, woest, ja zelfs brutaal, maar ook bezwerend.

Waarom Maria Mazzotta haar presentatie bijna uitsluitend in het Italiaans deed, weet ik niet (haar Frans was nochtans zeer goed) maar ze kondigde dit duo concert in deze coronatijden aan als volgt :
“De wereld ontploft en wij kijken alleen maar toe. Toch blijf ik diep in mijn hart hoop koesteren; hoop dat deze muziek u kan raken”.

En de muziek heeft ons geraakt! Haar stem ging hoog en laag en hard en zacht: soms fluisterend, soms shreeuwend.
Ik moet toegeven: ik kende Maria Mazzotta niet. Maar ze deed me denken aan tal van grote Italiaanse zangeressen, die diep gaan in hun passie en zo het vuur overbrengen naar een gefascineerd publiek. Lucilla Galeazzi, Elena Ledda en Ginevra di Marco van de groep Bella Ciao kwamen onmiddellijk in mijn gedachten op. Maar Maria Mazzotta deed me ook soms denken aan Giovanna Marini of nog Francesca Breschi. In ieder geval aan politiek en/of sociaal geengageerde artiesten met passionele en vurige stemmen …

Het concert had me zo aangesproken …
dat ik besloot van de CD mee naar huis te nemen


11
You, YourSelf & RIE
2 Comments

Contrair of Pionier ? Dwarsligger of Voorloper ? Wie ben ik ?

Feitelijk heb ik me die vragen in heel mijn leven nog nooit gesteld.
Het kwam onlangs bij me op door een opmerking van een oud-leerling van me, uit de tijd dat ik les gaf aan het Koninklijk Atheneum Asse. En dat is toch wel een hele poos geleden: ik gaf daar Nederlands en Engels in de schooljaren 1971/72 (23u) en 1972/73 (24u).

“Je hebt ons niet alleen Engels geleerd” zei ze, “je hebt ons ook leren ‘leven’ met een open geest. En ons niet zomaar om het even wat laten wijsmaken.”

Ik vond “in rij per twee” lopen, wat voor de heer prefect absoluut buiten discussie stond, helemaal niet belangrijk. Net als “zonder das sta je niet voor een klas” en “de leerlingen moeten U met uw naam noemen, niet met uw voornaam en al zeker niet met een bijnaam”. Ik dacht dan: “Wat sta ik hier te doen, als de inhoud van wat ik voor de klas aan de leerlingen meegeef van bijkomstig belang is ?”

En dan ging ik op zoek …

Vrijwilligerswerk in de Beursschouwburg, bij voorbeeld, leidde tot het “stichtend lid” worden van de vzw Animatie Beursschouwburg.
Maar toen ik er “mijn diensten” woou aanbieden om er aangeworven te worden, was de vraag: “Welke partijkaart heb jij ?”
En mijn antwoord: “Geen ! En ik wil er ook geen !!!”

“Ni Dieu, Ni Maître”

8
You, YourSelf & RIE
0 Comments

HIDE & SEEK 2020 (08/26)

woensdag 26 augustus 2020
@ Emaillerie Belge
VORST

Corona of niet, maar ik ging weer op stap om te genieten
van BRUSSEL (deze keer is dat dan Vorst) en van Muziek.
Dankzij de Vrienden van MuziekPublique en hun Hide & Seek festival.

© RIE
Op reis naar muzikale verre oorden op ongewone plekken in Brussel

Met de wagen naar Brussel … dat is tegenwoordig ècht niet meer te doen …
Dan maar met het openbaar vervoer … al is dat toch ook een hele toer.
Van Grimbergen naar Vilvoorde met de bus van De Lijn en verder met de trein. Ik kwam veel te vroeg in VORST aan om onmiddellijk naar de locatie te gaan waar het concert zou plaats grijpen, maar dat was ook de bedoeling. Ik ontdek of herontdek graag enkele van die vele mooie plekjes in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
In deze “Brusselwandeling” kwam ik langs de Abdij van Vorst, waarvan de geschiedenis tot het begin van de 12e eeuw teruggaat: van 1105 tot 1796 maakte het deel uit van het zeer omvangrijk patrimonium van de benedictinessen. Deze vrouwengemeenschap had in die periode heel wat macht en invloed.

© Wim Robberechts

In het pop-up café dronk ik eerst nog een Zinnebir van de Brasserie de la Senne vooraleer ik de wandeling verder zette: richting gemeentehuis, dat volop in de steigers staat voor renovatiewerken en kwam zo ook langs het monument “Aan Onze Helden”.

RIE

Maar ik kwam eigenlijk naar Vorst om “Andere Helden” aan het werk te zien en te horen, namelijk het …

Karim Baggili Trio

Karim Baggili ken ik al een aantal jaar. Ik programmeerde hem ook zelf nog een paar keer op het BROSELLA Folk & Jazz festival :
– 12 July 2008 stond daar het Karim Baggili Quartet & Guests :
Karim Baggili (guitar, oud, vocals), Kathy Adam (cello), Philippe Laloy (sax, flute), Karoline de la Serna (vocals) & Guests : Fabrice Alleman (sax), Patricia Hernandez (percussion, dance)
– 12 July 2014 was het de beurt aan Karim Baggili & His Arabic Band :
Mohammed Al Mokhlis (violin), Ahmed Khaili (percussions), Karim Baggili (oud, guitar), Matthieu Chemin (double bass), Vivian Ladrière (drums), Houssem Ben El Kadhi (kawala, ney) & Karoline de la Serna (keyboard). Karim Baggili had toen nog maar pas een schitterende CD uitgebracht : “Kali City”.

Dat Karim Baggili een uitzonderlijk talent “van bij ons” is, dat wist ik dus al. Maar ook de plek waarnaar MuziekPublique ons meenam was meer dan een bezoekje waard !!! Ik was eigenlijk al lang nieuwsgierig naar het fabriekje waar dit prachtige ambacht werd beoefend.

Emaillerie Belge

De Emaillerie Belge bestaat al sinds 1923 en was vroeger in Molenbeek gevestigd. In 1957 voerde de regering een wet in om belastingen te heffen op publiciteitspanelen, waardoor het kliënteel afhaakte en er veel dergelijke “émailleries” het moesten opgeven. Er bleef er maar één over …
In 2016 nam een jonge dynamische ondernemer het bedrijf over. Zo redde de nieuwe eigenaar Vincent Vanden Borre de laatste emaillerie van het land van de ondergang !!! Enkele jaren later werd ze bekroond tot meest innovatieve emaillerie in Europa. In 2018 verhuisden ze naar Vorst en in 2020 ben ik er dan eindelijk geraakt, dankzij MuziekPublique …

© RIE

Al klinkt dat wat eigenaardig … en niet omwille van de klank, want die was dik in orde … maar het decor leende zich zeer goed om er één van de belangrijkste stemmen van de wereldmuziek in ons land te laten optreden. Karim Baggili is, naast een zeer talentvolle, bovendien ook een zeer vriendelijke en ook zeer bescheiden artiest …

Oud-speler, zanger-componist en gitarist Karim Baggili bracht deze keer een akoestische set van zestig minuten een trio.
De luit (of oud) is onafscheidelijk van de Arabische muziek die hij altijd heeft gekoesterd en waaraan hij als geen ander een hommage brengt. Karim Baggili geeft de traditionele melodieën een andere wending. Met mooie eigen composities opent hij de deur richting “nieuwe identiteit”, die geïnspireerd is door zijn eigen Jordaanse en Joegoslavische roots. Hij voegt er een persoonlijke interpretatie aan toe die je eraan herinnert dat de muziek grensoverschrijdend kan en moet werken, dat ze nieuwe gevoelens losweekt en helpt om je eigen horizon te verbreden. Het heel eigen muzikale universum van de Baggili, put daarbij ook uit talloze andere invloeden. Oud, gitaar, gedempt of krachtig gezang, Arabisch-Andalusische toonladders …
Alleen Karim Baggili kan “Arabische underground flamencomuziek” bedenken.

Karim Baggili: gitaar, oud, zang
Youri NanaI: bas
Vivian Ladrière: percussie

Na het concert had ik nog even de gelegenheid om Karim te gaan begroeten. We moesten het spijtig genoeg kort houden, want hij moest zich klaar maken voor het publiek van de tweede “shift” van dit Hide & Seek concert … om 20u30. Alles verloopt altijd volledig coronaproof : iedereen kon in eigen ‘bubbel’ tickets kopen voor dezelfde sessie …
Wij waren deze keer met drie : Guy, Ben en ik.

De terugweg naar huis verliep even vlot als de heenweg, maar deze keer bleef ik nergens treuzelen : treintje … busje … busje …

© RIE

thuis, waar mijn Lieve schat me opwachtte met – alweer genieten – een lekker maaltijd (zalm, venkel, linzen, …)

40
You, YourSelf & RIE
1 Comment

HIDE & SEEK 2020 (08/24)

© RIE

24 augustus 2020
@ Dakterras van de
Koninklijke Bibliotheek van België

De Koninklijke Bibliotheek is zeker geen onbekende voor mij.
Tijdens mijn studies Letteren en Wijsbegeerte (Germaanse Filologie) aan de VUB (1967-1971) zat ik daar regelmatig documenten over Nederlandse, Engelse, Duitse (en ook wel Fraznse) literatuur te bestuderen.
Stilte was daar altijd aan de orde !!!
Maar het gigantische terras en het prachtige uitzicht van daaruit op de Kunstberg, dat door Muziekpubliek werd beloofd, dat kende k nog niet.

Speciaal voor de gelegenheid mochten we binnen komen via het exclusieve “Paleis van Karel van Lotharingen”.

© RIE

We kwamen dus – met mondmasker – binnen langs het Museumplein en werden onthaald in een rotonde om daarna linksaf langs de weelderige trap naar boven te gaan en en via de rotonde op een hogere verdieping het terras te bereiken. Zo werden we tegelijkertijd ondergedompeld in een stedelijke en historische sfeer.

Langs de marmeren trap naar boven beseften we niet dat we eigenlijk op de 5de verdieping waren aangekomen, waar sinds kort Chef Filip Fransen de plak zwaait. Vanaf 9 juli 2020 ging daar de ALBERT-zomer van start in wat vroeger de refter was voor het personeel van de Staatsarchieven.
Met eigen producties, zoals Italian dinners en zomerse brunches, verwelkomt de chef zijn klanten. Voordien was hij reeds bekend om zijn witlofbereidingen.

Het dakterras van A L B E R T werd deze zomer dus ’the place to be’ van Brussel. Met een oppervlakte van 2.000 m2 is hier voldoende ruimte om alle evenementen coronaproof te laten verlopen.

Maar …

Het weer was niet te betrouwen en daarom werd er niet op het terras, maar wel binnen geconcerteerd.

© RIE

MuziekPublique organiseerde dit concert van Laïla Amezian en de Sheikhs Shikhats
in samenwerking met vzw Darna .

Met haar elfkoppige bende interpreteerde Laïla Amezian stukken uit het folkrepertoire van Noord-Marokko. Omringd door zangeresssen en muzikanten uit de jazz- en wereldmuziekscène presenteerde ze een persoonlijke, Brusselse insteek waarbij de diversiteit aan stemkleuren samenvloeiden met jazz-arrangementen en een knallende chaabi groove ! Voor de gelegenheid werd accordeonist Tuur Florizoone uitgenodigd om het geheel op zijn heel eigen manier met harmonieën met jazzinvloeden te verrijken.

De zeven zangeressen :
Camille De Bruyne, Fatou Traoré, Marie-Ange Teuwen, Farida Zouj, Constanza Guzman, Emanuela Lodato & Laïla Amezian
werden begeleid door
Michel Massot op tuba
Etienne Plumer aan de drums
Ahmed Khaili op percussie
en Tuur Florizoone aan de accordeon als special guest.

© RIE
Het was een prachtig concert, met een enorm positieve vibe !
en dat deed deugd, in deze deprimerende coronatijden !!!

Het deed me soms ook denken aan dat prachtige optreden van OBLOMOW “Ladies Night meets Qayna” op BROSELLA Folk & Jazz 2004.
OBLOMOW was een project van Gerry Demol, met onder andere Eva De Roovere, Vera Coomans, Talike, … . Qayna bestond ook nog uit de zangeressen Anissa Rouass, Laïla Amezian en Naziha Meftah, en de luitspeler Abid Bahri.

Paleis van Karel van Lotharingen

Toch nog even stilstaan bij de plek waar het concert plaats greep …
Het “Paleis van Karel van Lotharingen” ligt nu aan de achterkant van de Koninklijke Bibliotheek, ook “Albertina” genaamd, maar in 1839 was de Koninklijke Bibliotheek nog in het Paleis van Karel van Lotharingen gevestigd. Vandaag doet het Paleis dienst als tentoonstellingsruimte.

Karel van Lotharingen was de gouverneur-generaal van de Oostenrijkse Nederlanden van 1744 tot 1780. Hij was een leergierig man op gebied van de wetenschappen en het occultisme, een kenner van de Encyclopédie van Diderot en d’Alembert, kunstliefhebber en verwoed verzamelaar.

Het Paleis van Karel van Lotharingen werd vanaf 1757 gebouwd op de plek waar vroeger het paleis van Nassau stond. Er bestaat alleen nog een gevel uit het laat-rocaille en begin neo-classicisme met decoratieve elementen van Laurent Delvaux. Het marmeren beeld van Hercules in het trappenhuis is eveneens het werk van Delvaux.

© RIE

De rotonde, een zaal in Italiaanse stijl, is versierd met een vloer waarin stalen van marmersoorten uit onze gewesten zijn ingevoegd.

© RIE

maar mijn Goede Vrienden Georges Tonla-Briquet (jazz recensent) en Guy Trifin (président de l’asbl “Les Amis De Brosella”) waren ook onder de indruk van de engeltje boven hun hoofd …

© RIE
18